Anke Bergman 'Bankhangen'
Ze was net weer thuis na een ziekenhuis opname.
Met haar man zat ze op de bank. Het was de eerste keer dat ik ze thuis bezocht. Samen vertelden ze over wat ze de afgelopen tijd hadden meegemaakt.
Uitgezaaide borstkanker was de boosdoener, waarvoor ze verschillende behandelingen had ondergaan. Nu was de ziekte niet meer te behandelen, de klachten nog wel.
Ze noemde dat het haar ergens rust gaf; niet meer steeds naar het ziekenhuis voor de behandelingen, niet meer de bijwerkingen van deze behandelingen en niet meer leven tussen hoop en vrees voorafgaand aan elke uitslag van een scan. Wat heeft de behandeling gedaan? Was het effectief? Slopend is het passende woord.
Het was een lang traject geweest dat ze achter de rug hadden, de moeilijke momenten nog vers in het geheugen. Het is en was overleven.
De bank symboliseerde hoe de tijd voor effect had gehad op hun relatie. Zij aan de ene kant, hij aan de andere kant. De ruimte ertussen groot. Het contact met elkaar waren ze een beetje kwijtgeraakt. Zij die sterk probeerde te blijven voor haar gezin, maar tegelijkertijd worstelt met haar afnemende gezondheid, het verlies van de vrouw die ze was en haar rol in het gezin. Hij had zich volledig gestort op de praktische zaken, het draaiende houden van het gezinsleven, het huishouden. Het gaf hem houvast in een tijd vol onzekerheid.
Met zijn drieën stonden we stil bij alles wat ze hadden meegemaakt. Het was hen overkomen.
We spraken open over haar wensen en grenzen in de komende periode, maar ook die van het gezin.
Mooie herinneringen kwamen naar voren; de fijne vakanties de ze samen gehad hadden, hun liefde.
En de ruimte tussen beide op de bank werd steeds wat kleiner.
“Dank voor het leuke gesprek”, zei hij aan het einde. Terwijl hij het zei, schrok hij zichtbaar, want leuk waren de onderwerpen die we hadden besproken natuurlijk niet. Toch konden we er alle drie om lachen. De ruimte om ieder hun eigen verhaal te doen en gehoord te worden had hun beide goed gedaan.